Lezing tijdens de Houtdag 2021 door Tim Stins, die afstudeerde op de vraag ‘Hoe kan de losmaakbaarheid van hoge houten gebouwen worden bevorderd en verbeterd door het toepassen van voor het losmaken ontworpen elementen?‘
De vraag stellen is in dit geval natuurlijk hem ook deels beantwoorden: houten gebouwen zijn per definitie en/of in principe losmaakbaar. Ze zitten immers ‘droog’ gemonteerd in elkaar, dus zonder lijm of cement en kunnen dus in principe uit elkaar worden geschroefd. Toch is maar de vraag of dat altijd wel even gemakkelijk gaat, zeker in het geval van hoge houten gebouwen. Het onderzoek van Stins, waarmee hij afstudeerde aan de TU Delft, richtte zich op het optimaliseren van die losmaakbaarheid van hoge houten gebouwen door de bouwelementen nadrukkelijk te ontwerpen op hun latere herwinbaarheid.
Model van kit of parts
Hij ontwikkelde voor dit doel een ‘kit of parts’ waarmee in principe een hoog houten gebouw geheel gebouwd zou kunnen worden en waarbij nadrukkelijker dan gebruikelijk op de losmaakbaarheid gelet werd. De bevestigingen zijn eenvoudiger en makkelijker te bereiken, om maar een paar verschillen te benoemen. Ondertussen moest het flatgebouw natuurlijk wel blijven voldoen aan de constructie-eisen die aan een hoog gebouw gesteld worden. Om te bewijzen dat dit mogelijk moet zijn ontwierp Stins een model voor een hoog houten gebouw (geprojecteerd in de Binckhorst in Den Haag) dat geheel uit zijn kit of parts is opgebouwd.



